Dementie is een verzamelnaam voor verschillende problemen met het geheugen en het denken. Deze problemen maken het moeilijk om dagelijkse dingen te doen. Hoe het geheugen precies wordt beïnvloed, verschilt per persoon en hangt ook af van hoe ver de dementie is gevorderd.
Mensen met dementie hebben vaak vooral moeite met het kortetermijngeheugen. Dat betekent dat ze zich recente gebeurtenissen, gesprekken of nieuwe informatie moeilijk kunnen herinneren. Dit is vaak een van de eerste tekenen van dementie.
Het langetermijngeheugen blijft in het begin vaak nog redelijk goed. Dat betekent dat mensen zich dingen uit het verre verleden vaak nog wel kunnen herinneren, ook al vergeten ze wat er gisteren gebeurde. Naarmate de dementie erger wordt, kunnen ook deze herinneringen moeilijker worden.
Emotionele herinneringen, zoals herinneringen aan gebeurtenissen die veel gevoel oproepen, blijven vaak langer bewaard. Mensen met dementie kunnen zich soms nog goed voelen bij een gebeurtenis, ook al weten ze niet meer precies wat er gebeurde.
Herinneringen aan dagelijkse gewoontes en routines blijven vaak ook langer bestaan. Dingen die iemand vaak doet, zoals bepaalde handelingen of vaste patronen, kunnen makkelijker worden onthouden dan nieuwe dingen.
Het zogenaamde procedurele geheugen, dat is het geheugen voor hoe je dingen doet, zoals tanden poetsen of je veters strikken, blijft bij veel mensen met dementie vaak nog lang goed werken. Daarom kunnen ze soms nog steeds bepaalde taken uitvoeren, ook al vergeten ze andere dingen.
Het is belangrijk om te weten dat dementie bij iedereen anders verloopt. Naarmate de ziekte vordert, kunnen zowel het korte- als het langetermijngeheugen steeds meer achteruitgaan. Ook andere vaardigheden, zoals praten, problemen oplossen en weten waar je bent, kunnen moeilijker worden.
Deze website maakt uitsluitend gebruik van functionele en noodzakelijke cookies. Deze cookies verzamelen geen persoonlijke gegevens en dragen bij aan een soepele werking en verbetering van de site.